Spelling oefenen in groep 8
In het kort. Spelling in groep 8 gaat over stam of stam+t: controleren in een zin; werkwoord als bijvoeglijk naamwoord; voltooid deelwoord: ge- erbij of niet. Schoolschrift dekt dat met 21 leerdoelen in 7 hoofdstukken en 140 geschreven opgaven. De stof hangt aan kerndoel 6 uit de set die sinds augustus 2026 geldt en kerndoel 11 uit de set van 2006. Oefenen kan gratis in de browser, zonder account en offline.
Wat leer je bij spelling in groep 8?
Stam of stam+t: controleren in een zin
Werkwoordspelling · 1S · kerndoel 2026: 6 · kerndoel 2006: 11- Zoek eerst het onderwerp — Ik zoek het onderwerp van de zin voordat ik het werkwoord invul.
- Werkwoordsvorm invullen — Ik vul de juiste werkwoordsvorm in door het onderwerp te zoeken.
- Ook in vraagzinnen controleren — Ik controleer het onderwerp ook in vraagzinnen, met de jij-omdraaiing.
Werkwoord als bijvoeglijk naamwoord
Werkwoordspelling · 2F · kerndoel 2026: 6 · kerndoel 2006: 11- Voltooid deelwoord als bijvoeglijk naamwoord — Ik gebruik een voltooid deelwoord als bijvoeglijk naamwoord vóór een zelfstandig naamwoord.
- Tegenwoordig deelwoord als bijvoeglijk naamwoord — Ik gebruik een tegenwoordig deelwoord (heel werkwoord + d) als bijvoeglijk naamwoord.
- Voltooid of tegenwoordig deelwoord? — Ik kies tussen een voltooid en een tegenwoordig deelwoord als bijvoeglijk naamwoord.
Voltooid deelwoord: ge- erbij of niet
Werkwoordspelling · 2F · kerndoel 2026: 6 · kerndoel 2006: 11- Ge- erbij bij de meeste werkwoorden — Ik zet ge- vooraan in het voltooid deelwoord.
- Geen ge- bij be-, ge-, er-, her-, ont-, ver- — Ik weet dat er geen extra ge- bijkomt als de stam al met een van deze voorvoegsels begint.
- Ge- erbij of niet: controleren — Ik controleer of de stam met be-, ge-, er-, her-, ont- of ver- begint.
Leenwoorden met de c, de qu en de x
Weetwoorden · 1S · kerndoel 2026: 6- De c als /k/ in leenwoorden — Ik schrijf leenwoorden waarin de c als /k/ klinkt.
- De c als /s/ in leenwoorden — Ik schrijf leenwoorden waarin de c als /s/ klinkt.
- De qu in leenwoorden — Ik schrijf leenwoorden met qu goed.
Franse leenwoorden op -age en -eau
Weetwoorden · 1S · kerndoel 2026: 6- Woorden op -age — Ik schrijf Franse leenwoorden op -age goed.
- Woorden op -eau — Ik schrijf Franse leenwoorden op -eau goed.
- Weetwoorden: -age en -eau door elkaar — Ik herken -age- en -eau-woorden zonder klankregel.
Woorden op -isch en -tie
Weetwoorden · 1S · kerndoel 2026: 6- Woorden op -isch — Ik schrijf woorden op -isch goed.
- Woorden op -tie — Ik schrijf woorden op -tie goed.
- Weetwoorden: -isch en -tie door elkaar — Ik herken -isch- en -tie-woorden zonder klankregel.
Punt bij afkortingen
Leestekens en hoofdletters · 2F · kerndoel 2026: 6- Punt na een gewone afkorting — Ik zet een punt na een afkorting van een woord.
- Geen punt bij een meeteenheid — Ik zet geen punt achter de afkorting van een meeteenheid.
- Wel of geen punt: controleren — Ik controleer of iets een gewone afkorting of een meeteenheid is.
Zes opgaven uit spelling in groep 8
Dit zijn opgaven uit de leerlijn zelf; in de app staan er nog 134. Probeer hem eerst, klap dan het antwoord open.
-
Wat is het onderwerp in 'De hond blaft hard'?
- de hond
- blaft
- hard
Antwoord
de hond — 'De hond' doet het blaffen, dat is het onderwerp.
-
Welk woord past: 'een ___ raam' (breken)?
- gebroken
- gebroeken
Antwoord
gebroken — Voltooid deelwoord van breken is gebroken.
-
Voltooid deelwoord van 'werken':
Antwoord
gewerkt — ge + werk + t = gewerkt.
-
De c als /k/ in leenwoorden — welke schrijfwijze klopt?
- cursus
- kursus
Antwoord
cursus — Cursus schrijf je met een c.
-
Woorden op -age — welke is goed?
- bagage
- bagaazje
Antwoord
bagage — Bagage schrijf je met -age.
-
Woorden op -isch — welke is goed?
- typisch
- typies
Antwoord
typisch — Typisch schrijf je met -isch.
Hoe oefen je dit in Schoolschrift?
Volg de lessen per leerdoel
Elk hoofdstuk bestaat uit zes lessen: één per leerdoel, twee gemengde lessen en een hoofdstuktoets. Voor elk nieuw leerdoel legt de coach eerst uit wat je gaat leren en doet één opgave helemaal voor.
Haal de hoofdstuktoets
Het volgende hoofdstuk gaat open zodra de hoofdstuktoets met minstens 80% gehaald is; wie de stof al kent, kan met één toets vooruitspringen.
Blijf herhalen
Herhaling loopt per leerdoel en blijft binnen dit vak en binnen stof die al langs is gekomen.