Spelling oefenen in groep 5

In het kort. Spelling in groep 5 gaat over verlengen om de klank te horen; medeklinker verdubbelen; meervoud: -en, -s en de apostrof. Schoolschrift dekt dat met 9 leerdoelen in 3 hoofdstukken en 57 geschreven opgaven. De stof hangt aan kerndoel 6 uit de set die sinds augustus 2026 geldt. Oefenen kan gratis in de browser, zonder account en offline.

Wat leer je bij spelling in groep 5?

  • Verlengen om de klank te horen

    Klank en teken · 1F · kerndoel 2026: 6
    • Verlengen: lange a of korte a — Ik weet of een woord met één of twee klinkers geschreven wordt door het te verlengen.
    • Lange e en o aan het eind van een woord — Ik weet wanneer ik de lange e- en o-klank met één of twee letters schrijf.
    • Korte klank in een gesloten klankgroep — Ik weet dat een korte klinker in een gesloten klankgroep altijd één letter blijft.
  • Medeklinker verdubbelen

    Klank en teken · 1F · kerndoel 2026: 6
    • Verdubbelen bij een korte klank — Ik verdubbel de medeklinker als de klinker ervoor kort blijft.
    • Verdubbelen bij werkwoorden — Ik verdubbel de medeklinker in de infinitief als de stam kort klinkt.
    • Verdubbelen of verenkelen? — Ik weet of ik een medeklinker verdubbel of een klinker verenkel.
  • Meervoud: -en, -s en de apostrof

    Woordvorming · 1F · kerndoel 2026: 6
    • Meervoud met -en — Ik maak het meervoud met -en.
    • Meervoud met -s — Ik maak het meervoud met -s bij woorden op een onbeklemtoonde lettergreep.
    • Meervoud met een apostrof — Ik zet een apostrof voor de meervouds-s bij woorden op a, i, o, u of y.

Zes opgaven uit spelling in groep 5

Dit zijn opgaven uit de leerlijn zelf; in de app staan er nog 51. Probeer hem eerst, klap dan het antwoord open.

  1. Schrijf het woord voor het hemellichaam dat 's nachts schijnt (verleng: manen).

    Antwoord

    maan — manen: je hoort een lange aa, dus in het enkelvoud ook aa: maan.

  2. Meervoud van 'bal':

    Antwoord

    ballen — Korte a, verdubbel de l: ballen.

  3. Meervoud van 'hond':

    Antwoord

    honden — hond + en = honden.

  4. Schrijf het woord voor een volwassen mannelijke persoon (verleng: mannen).

    Antwoord

    man — mannen: de a is kort (dubbele n), dus in het enkelvoud één a: man.

  5. Meervoud van 'kar':

    Antwoord

    karren — Korte a, verdubbel de r: karren.

  6. Meervoud van 'fiets':

    Antwoord

    fietsen — fiets + en = fietsen.

Hoe oefen je dit in Schoolschrift?

  1. Volg de lessen per leerdoel

    Elk hoofdstuk bestaat uit zes lessen: één per leerdoel, twee gemengde lessen en een hoofdstuktoets. Voor elk nieuw leerdoel legt de coach eerst uit wat je gaat leren en doet één opgave helemaal voor.

  2. Haal de hoofdstuktoets

    Het volgende hoofdstuk gaat open zodra de hoofdstuktoets met minstens 80% gehaald is; wie de stof al kent, kan met één toets vooruitspringen.

  3. Blijf herhalen

    Herhaling loopt per leerdoel en blijft binnen dit vak en binnen stof die al langs is gekomen.

Begin met spelling

Spelling in andere leerjaren