Aardrijkskunde oefenen op de onderbouw van het voortgezet onderwijs
In het kort. Aardrijkskunde op de onderbouw van het voortgezet onderwijs gaat over kaartvaardigheid op vo-niveau, kaarten en data interpreteren, rivieren en erosie. Schoolschrift dekt dat met 30 leerdoelen in 10 hoofdstukken en 126 geschreven opgaven. De stof hangt aan kerndoel 25, 26, 27, 28 uit de set die sinds augustus 2026 geldt. Oefenen kan gratis in de browser, zonder account en offline.
Wat leer je bij aardrijkskunde op de onderbouw van het voortgezet onderwijs?
Kaartvaardigheid op vo-niveau
Kaartvaardigheid · kerndoel 2026: 25, 26
- Schaal berekenen — Ik kan met een schaal afstanden omrekenen tussen kaart en werkelijkheid, in beide richtingen.
- Coördinaten nauwkeurig aflezen — Ik kan een locatie met lengte- en breedtegraad aflezen en begrijpen wat GPS doet.
- Een thematische kaart lezen — Ik kan een thematische kaart lezen, zoals een kaart met bevolkingsdichtheid.
Kaarten en data interpreteren
Kaartvaardigheid · kerndoel 2026: 25, 26
- Een grafiek lezen — Ik kan een eenvoudige grafiek bij een aardrijkskunde-onderwerp aflezen.
- De choropletenkaart — Ik weet wat een choropletenkaart (kleurenkaart met cijfers) is.
- Bronnen beoordelen — Ik kan nagaan of een bron met cijfers of een kaart betrouwbaar is.
Rivieren en erosie
Aarde · kerndoel 2026: 25, 26
- De loop van een rivier — Ik ken het verschil tussen de boven-, midden- en benedenloop van een rivier.
- Verwering en erosie — Ik weet het verschil tussen verwering en erosie.
- Rivierdelta's — Ik weet wat een delta is en waarom Nederland er een is.
Vulkanisme en aardbevingen: risico
Aarde · kerndoel 2026: 25, 26
- Risico's van een vulkaanuitbarsting — Ik kan uitleggen welke risico's een vulkaanuitbarsting met zich meebrengt.
- Wat bepaalt het risico van een aardbeving — Ik weet wat het risico van een aardbeving bepaalt.
- Leven met het risico — Ik weet waarom mensen toch in gebieden met risico op vulkanen of aardbevingen wonen.
Klimaat en klimaatverandering
Aarde · kerndoel 2026: 25, 26
- Het broeikaseffect — Ik kan het broeikaseffect uitleggen.
- Oorzaken van klimaatverandering — Ik ken oorzaken die bijdragen aan klimaatverandering.
- Gevolgen van klimaatverandering — Ik ken gevolgen die met klimaatverandering te maken kunnen hebben.
Grondstoffen en migratie
Gebieden en leefomgeving · kerndoel 2026: 27, 28
- Grondstoffen — Ik ken het verschil tussen fossiele en hernieuwbare grondstoffen.
- Soorten migratie — Ik ken verschillende soorten migratie.
- Verstedelijking wereldwijd — Ik weet wat een megastad is en waarom mensen naar de stad trekken.
Water en veiligheid
Gebieden en leefomgeving · kerndoel 2026: 27, 28
- Waterveiligheid wereldwijd — Ik weet dat waterveiligheid wereldwijd een uitdaging is, niet alleen in Nederland.
- Wat maakt het overstromingsrisico groter — Ik kan uitleggen waardoor het overstromingsrisico van een gebied groter of kleiner is.
- Aanpassen aan het leven met water — Ik ken manieren waarop mensen zich aanpassen aan het leven met water.
Bevolkingsgroei
Gebieden en leefomgeving · kerndoel 2026: 27, 28
- Wat is bevolkingsgroei — Ik weet wat bevolkingsgroei is en waardoor die ontstaat.
- Geboortecijfer en sterftecijfer — Ik ken het verschil tussen geboortecijfer en sterftecijfer.
- Vergrijzing en verjonging — Ik weet wat vergrijzing en verjonging van een bevolking betekent.
Arm en rijk in de wereld
Gebieden en leefomgeving · kerndoel 2026: 27, 28
- Verschillen tussen landen — Ik ken kenmerken die vaak verschillen tussen rijkere en armere landen.
- Ontwikkeling meten: de HDI — Ik weet dat je de ontwikkeling van een land met meer dan alleen geld kunt meten.
- Samenwerking tussen landen — Ik ken vormen van samenwerking tussen landen om ontwikkeling te ondersteunen.
Globalisering
Gebieden en leefomgeving · kerndoel 2026: 27, 28
- Wat is globalisering — Ik kan uitleggen wat globalisering betekent.
- Een product uit meerdere landen — Ik weet dat een product vaak onderdelen uit meerdere landen bevat.
- Voor- en nadelen van globalisering — Ik ken een voordeel en een nadeel van globalisering.
Hoe oefen je dit in Schoolschrift?
Elk hoofdstuk bestaat uit zes lessen: één per leerdoel, twee gemengde lessen en een hoofdstuktoets. Voor elk nieuw leerdoel legt de coach eerst uit wat je gaat leren en doet één opgave helemaal voor. Het volgende hoofdstuk gaat open zodra de hoofdstuktoets met minstens 80% gehaald is; wie de stof al kent, kan met één toets vooruitspringen. Herhaling loopt per leerdoel en blijft binnen dit vak en binnen stof die al langs is gekomen.
Begin met aardrijkskunde
Aardrijkskunde in andere leerjaren