Sociale intelligentie oefenen op het vmbo

In het kort. Sociale intelligentie op het vmbo gaat over mensen verschillen, neurodiversiteit, vriendschap. Schoolschrift dekt dat met 24 leerdoelen in 12 hoofdstukken en 145 geschreven opgaven. Oefenen kan gratis in de browser, zonder account en offline.

Wat leer je bij sociale intelligentie op het vmbo?

  • Mensen verschillen

    Mensen verschillen · vmbo
    • Andere stijl, geen ruzie — Ik kan een botsing tussen twee stijlen herkennen zonder er meteen een schuldige bij te zoeken.
    • Vraag het in plaats van invullen — Ik kan een korte vraag stellen die duidelijk maakt wat de ander bedoelt of nodig heeft.
  • Neurodiversiteit

    Neurodiversiteit · vmbo
    • Prikkels en misverstanden — Ik kan herkennen dat iemand prikkels of woorden anders verwerkt dan ik, en ik reageer daarop zonder een oordeel over hem.
    • Zeggen wat je nodig hebt, vragen wat de ander nodig heeft — Ik kan vragen wat iemand nodig heeft en zelf zeggen wat ik nodig heb, zonder iemand apart te zetten.
  • Vriendschap

    Vriendschap · vmbo
    • Waar een vriendschap op steunt — Ik kan uitleggen waar een vriendschap op steunt en zien of het tussen twee mensen twee kanten op gaat.
    • Onderhouden en rechtzetten — Ik kan iets rechtzetten dat ik verkeerd deed en een vriendschap onderhouden zonder er iets voor terug te eisen.
  • Ongezonde patronen in vriendschappen

    Ongezonde patronen in vriendschappen · vmbo
    • Patroon of pechdag — Ik kan aan een reeks gebeurtenissen zien of er een patroon in zit of dat het bij één keer bleef.
    • Wat je ermee doet — Ik kan benoemen wat ik merk, mijn beschikbaarheid aanpassen en op tijd een volwassene erbij halen.
  • Groepsdruk

    Groepsdruk · vmbo
    • Druk zien aankomen — Ik kan herkennen wanneer een groep mij stuurt, ook als niemand iets vraagt.
    • Nee zeggen zonder ruzie — Ik kan nee zeggen tegen een groep zonder dat ik erbuiten val.
  • Grenzen

    Grenzen · vmbo
    • Je grens merken en kort benoemen — Ik kan merken dat iets over mijn grens gaat en dat kort zeggen, zonder verwijt.
    • De grens van een ander laten staan — Ik kan een nee accepteren zonder aan te dringen, en herstellen als ik over iemands grens ging.
  • Hoe help je een vriend?

    Hoe help je een vriend? · vmbo
    • Eerst luisteren, dan pas regelen — Ik kan eerst luisteren en vragen wat iemand nodig heeft voordat ik iets ga regelen.
    • Iets doen, en weten wanneer er een volwassene bij moet — Ik kan iets concreets doen voor iemand en ik weet wanneer er een volwassene bij moet.
  • Hoe help je een vriend niet?

    Hoe help je een vriend niet? · vmbo
    • Goed bedoeld, niet geholpen — Ik kan de valkuilen in goedbedoelde hulp herkennen en kies een stap die wel werkt.
    • Helpen zonder jezelf voorbij te lopen — Ik kan aangeven wat ik wel en niet kan zonder mijn vriend te laten vallen.
  • Manipulatie

    Manipulatie · vmbo
    • Zien hoe iemand je onder druk zet — Ik kan herkennen met welk middel iemand mij iets laat doen wat ik eigenlijk niet wil.
    • Reageren zonder ruzie — Ik kan bedenktijd vragen, doorvragen wat er precies bedoeld wordt en nee zeggen zonder me te verdedigen.
  • Gaslighting

    Gaslighting · vmbo
    • Meningsverschil of patroon — Ik kan uitleggen wat gaslighting is en aangeven wanneer een verschil van herinnering gewoon een verschil van herinnering is.
    • Wat je doet als je aan jezelf gaat twijfelen — Ik kan bij mijn eigen waarneming blijven, iets voor mezelf vastleggen en op tijd iemand erbij halen.
  • Manipulatief en gewetenloos gedrag

    Manipulatief en gewetenloos gedrag · vmbo
    • Patroon of losse gebeurtenis — Ik kan gedrag dat steeds terugkomt onderscheiden van een losse gebeurtenis, zonder iets over de persoon te beweren.
    • Afstand houden zonder strijd — Ik kan afstand houden, niets beloven wat ik niet wil, en er iemand bij halen als het niet stopt.
  • Sociale conflicten

    Sociale conflicten · vmbo
    • Wat een conflict laat oplopen — Ik kan aanwijzen wat een conflict laat oplopen en kies zelf de stap die het laat zakken.
    • Uitpraten, afspreken en herstellen — Ik kan een conflict uitpraten, een afspraak maken die na te komen is en op tijd hulp halen.

Zes opgaven uit sociale intelligentie op het vmbo

Dit zijn opgaven uit de leerlijn zelf; in de app staan er nog 139. Probeer hem eerst, klap dan het antwoord open.

  1. Vier mensen spreken af bij de bioscoop. Welke zin geeft de duidelijkste afspraak?

    • Kom straks even langs, dan zien we wel.
    • We beginnen zodra iedereen er is.
    • Ik ben er om half vijf bij de kassa met de kaartjes.
    • Doe maar wanneer het jou uitkomt.
    Antwoord

    Ik ben er om half vijf bij de kassa met de kaartjes. — Alleen die zin noemt een tijd, een plek en wie wat doet. De rest moet je invullen, en dat gaat bij de een vaker mis dan bij de ander.

  2. Waaraan zie je het beste of een vriendschap twee kanten op gaat?

    • Aan hoe vaak jullie appen
    • Aan hoe het over een langere tijd gaat: doen jullie allebei iets voor elkaar
    • Aan of jullie dezelfde muziek leuk vinden
    • Aan of jullie nooit ruzie hebben
    Antwoord

    Aan hoe het over een langere tijd gaat: doen jullie allebei iets voor elkaar — Wederkerigheid zie je in hoe het over weken en maanden gaat, niet in een gunst of een ruzie.

  3. Welke situatie wijst het duidelijkst op een patroon en niet op één keer pech?

    • Een vriend vergeet je verjaardag terwijl hij die anders altijd weet.
    • Een vriend is één avond kortaf en legt de dag erna uit waarom.
    • Een vriend wordt elke keer boos als jij met iemand anders afspreekt.
    • Een vriend zegt een afspraak af omdat hij ziek is.
    Antwoord

    Een vriend wordt elke keer boos als jij met iemand anders afspreekt. — Elke keer is het kenmerk van een patroon. De andere drie zijn losse gebeurtenissen met een reden erbij.

  4. Wat is een voorbeeld van verborgen druk?

    • Iemand vraagt of jij ook meedoet
    • Je leidinggevende zegt wat je moet doen
    • Iedereen in de pauze zit op zijn telefoon, dus jij pakt de jouwe ook
    • Een vriend zegt dat hij het niet met je eens is
    Antwoord

    Iedereen in de pauze zit op zijn telefoon, dus jij pakt de jouwe ook — Bij verborgen druk vraagt niemand je iets. Je past je aan aan wat je om je heen ziet.

  5. Welke zin geeft het duidelijkst een grens aan?

    • Ik vind dit niet zo leuk.
    • Ik wil dit niet.
    • Misschien liever niet, ik weet het niet.
    • Jij doet ook altijd vervelend.
    Antwoord

    Ik wil dit niet. — Ik vind het niet leuk is een mening, ik wil dit niet is een grens. De laatste zin is geen grens maar een verwijt.

  6. Iemand zegt: laat maar, het is niks. Wat is meestal de beste reactie?

    • Doorvragen tot hij vertelt wat er is
    • Zeggen dat je er bent en dat hij je later kan appen
    • Er nooit meer over beginnen
    • Aan zijn vrienden vragen wat er speelt
    Antwoord

    Zeggen dat je er bent en dat hij je later kan appen — Je legt geen druk en je laat merken dat de deur openblijft. Vaak komt het verhaal dan later alsnog.

Hoe oefen je dit in Schoolschrift?

  1. Volg de lessen per leerdoel

    Elk hoofdstuk bestaat uit zes lessen: één per leerdoel, twee gemengde lessen en een hoofdstuktoets. Voor elk nieuw leerdoel legt de coach eerst uit wat je gaat leren en doet één opgave helemaal voor.

  2. Haal de hoofdstuktoets

    Het volgende hoofdstuk gaat open zodra de hoofdstuktoets met minstens 80% gehaald is; wie de stof al kent, kan met één toets vooruitspringen.

  3. Blijf herhalen

    Herhaling loopt per leerdoel en blijft binnen dit vak en binnen stof die al langs is gekomen.

Begin met sociale intelligentie

Sociale intelligentie in andere leerjaren