Scheikunde oefenen op de onderbouw
In het kort. Scheikunde op de onderbouw gaat over scheidingsmethoden, veilig werken in het lab, extractie en chromatografie. Schoolschrift dekt dat met 30 leerdoelen in 10 hoofdstukken en 220 geschreven opgaven. Oefenen kan gratis in de browser, zonder account en offline.
Wat leer je bij scheikunde op de onderbouw?
Scheidingsmethoden
Vaardigheden- De juiste scheidingsmethode kiezen — Ik kan de juiste scheidingsmethode kiezen op basis van een stofeigenschap.
- Destilleren stap voor stap — Ik kan de stappen van destilleren op volgorde zetten en uitleggen.
- Filtreren en indampen toepassen — Ik kan filtreren en indampen toepassen op een voorbeeld.
Veilig werken in het lab
Vaardigheden- Gevarensymbolen herkennen — Ik kan gevarensymbolen op een etiket herkennen en uitleggen.
- Veilig werken in het lab — Ik kan vertellen hoe je veilig met stoffen en apparatuur omgaat.
- Een etiket lezen — Ik kan een etiket met H- en P-zinnen uitleggen.
Extractie en chromatografie
Vaardigheden- Extraheren: een stof selectief oplossen — Ik kan uitleggen hoe extractie werkt.
- Chromatografie: de Rf-waarde — Ik kan de Rf-waarde van een stof berekenen en uitleggen.
- De juiste methode kiezen: extra oefening — Ik kan bij een nieuw voorbeeld de juiste scheidingsmethode kiezen.
Meten en wegen in het lab
Vaardigheden- Het juiste meetinstrument kiezen — Ik kan het juiste instrument kiezen om massa, volume of temperatuur te meten.
- Eenheden in het lab — Ik kan de juiste eenheden gebruiken voor massa, volume en temperatuur.
- Omgaan met meetfouten — Ik kan uitleggen wat een meetfout is en hoe je die klein houdt.
Stoffen en eigenschappen
Stoffen en materialen- Zuivere stof of mengsel — Ik kan zuivere stoffen en mengsels onderscheiden en de juiste scheidingsmethode kiezen.
- Faseovergangen en het deeltjesmodel — Ik kan faseovergangen benoemen en uitleggen met deeltjes.
- Stoffen herkennen aan eigenschappen — Ik kan een stof herkennen aan zijn stofeigenschappen.
Fasediagram en verwarmingskromme
Stoffen en materialen- De verwarmingskromme lezen — Ik kan uitleggen waarom de temperatuur tijdens een faseovergang constant blijft.
- Smeltpunt en kookpunt aflezen — Ik kan bij een gegeven temperatuur bepalen in welke fase een stof is.
- Dichtheid van vast, vloeibaar en gas — Ik kan de dichtheid berekenen en uitleggen waarom die per fase verschilt.
Mengsels: homogeen en heterogeen
Stoffen en materialen- Homogeen of heterogeen mengsel — Ik kan een mengsel indelen als homogeen of heterogeen.
- Suspensie en emulsie — Ik kan een suspensie en een emulsie herkennen en van elkaar onderscheiden.
- Oplossen en verzadiging — Ik kan uitleggen wanneer een oplossing verzadigd is.
Metalen, kunststoffen en natuurlijke stoffen
Stoffen en materialen- Materiaalgroepen herkennen — Ik kan metalen, kunststoffen en natuurlijke stoffen herkennen aan hun eigenschappen.
- Materialen en recyclebaarheid — Ik kan uitleggen waarom sommige materialen makkelijker te recyclen zijn dan andere.
- Natuurlijke en kunstmatige stoffen — Ik kan het verschil tussen natuurlijke en kunstmatige (synthetische) stoffen uitleggen.
Zuivere stoffen herkennen aan smelt- en kookpunt
Stoffen en materialen- Is een stof zuiver? — Ik kan met smelt- en kookpunt controleren of een stof zuiver is.
- Smeltpunten opzoeken en vergelijken — Ik kan met een tabel van smeltpunten een stof identificeren.
- Nauwkeurig meten in het lab — Ik kan uitleggen waarom nauwkeurig meten belangrijk is bij het bepalen van stofeigenschappen.
Verbranding: een eerste kennismaking
Chemische processen- Wat gebeurt er bij verbranding? — Ik kan uitleggen wat er scheikundig gebeurt als iets verbrandt.
- Brandstoffen in het dagelijks leven — Ik kan voorbeelden van brandstoffen noemen en wat er bij verbranding ontstaat.
- De brandvoorwaarden (brandweerdriehoek) — Ik kan de drie voorwaarden voor brand benoemen en gebruiken om vuur te blussen.
Zes opgaven uit scheikunde op de onderbouw
Dit zijn opgaven uit de leerlijn zelf; in de app staan er nog 214. Probeer hem eerst, klap dan het antwoord open.
-
Waarom kun je ijzervijlsel en zwavelpoeder scheiden met een magneet?
- Zwavel is magnetisch
- IJzer is magnetisch, zwavel niet
- Beide zijn magnetisch
- Geen van beide is magnetisch
Antwoord
IJzer is magnetisch, zwavel niet — Alleen ijzer wordt aangetrokken door een magneet — een fysische eigenschap die je direct kunt gebruiken om te scheiden.
-
Welk gevaar hoort bij het symbool met een doodshoofd?
- Ontvlambaar
- Giftig
- Bijtend
- Milieugevaarlijk
Antwoord
Giftig — Een doodshoofd op een etiket betekent dat een stof giftig is bij inademen, inslikken of huidcontact.
-
Bij extractie gebruik je een oplosmiddel om...
- een stof te verwarmen tot hij kookt
- een bepaalde stof selectief op te lossen en zo te scheiden
- een stof te laten smelten
- een stof te wegen
Antwoord
een bepaalde stof selectief op te lossen en zo te scheiden — Je kiest een oplosmiddel waarin alleen de stof die je wilt hebben goed oplost, zodat je die kunt afscheiden.
-
Waarom gebruik je een maatcilinder in plaats van een beker om een volume nauwkeurig af te meten?
- Een maatcilinder heeft nauwkeurige schaalverdeling, een beker niet
- Een beker is te zwaar
- Een maatcilinder is goedkoper
- Het maakt niets uit
Antwoord
Een maatcilinder heeft nauwkeurige schaalverdeling, een beker niet — Een maatcilinder heeft een smalle, nauwkeurige schaalverdeling; een beker is bedoeld om te mengen, niet om precies af te meten.
-
Welke is een zuivere stof?
- Zeewater
- Lucht
- Gedestilleerd water
- Melk
Antwoord
Gedestilleerd water — Gedestilleerd water bestaat uit één soort molecuul. Zeewater, lucht en melk zijn mengsels.
-
Tijdens het smelten van ijs blijft de temperatuur constant op 0 °C, ook al blijf je verwarmen. Waarom?
- De stof wordt kouder
- De energie gaat naar het losser maken van de deeltjes, niet naar temperatuurstijging
- Er komt geen energie bij
- Het ijs kookt al
Antwoord
De energie gaat naar het losser maken van de deeltjes, niet naar temperatuurstijging — Alle toegevoerde energie wordt gebruikt om de vaste ordening van de deeltjes los te maken; pas als alles gesmolten is, stijgt de temperatuur weer.
Hoe oefen je dit in Schoolschrift?
Volg de lessen per leerdoel
Elk hoofdstuk bestaat uit zes lessen: één per leerdoel, twee gemengde lessen en een hoofdstuktoets. Voor elk nieuw leerdoel legt de coach eerst uit wat je gaat leren en doet één opgave helemaal voor.
Haal de hoofdstuktoets
Het volgende hoofdstuk gaat open zodra de hoofdstuktoets met minstens 80% gehaald is; wie de stof al kent, kan met één toets vooruitspringen.
Blijf herhalen
Herhaling loopt per leerdoel en blijft binnen dit vak en binnen stof die al langs is gekomen.