Economie oefenen
In het kort. Schoolschrift heeft economie in 4 leerjaarbanden, samen 125 leerdoelen. Kies het leerjaar en begin.
Kies een leerjaar
Economie oefenen op de havo
11 hoofdstukken · 32 leerdoelenEconomie oefenen op de onderbouw
10 hoofdstukken · 30 leerdoelenEconomie oefenen op het vmbo
10 hoofdstukken · 30 leerdoelenEconomie oefenen op het vwo
12 hoofdstukken · 33 leerdoelen
Zes opgaven uit economie op Schoolschrift
Dit zijn opgaven uit de leerlijn zelf; in de app staan er nog 831. Probeer hem eerst, klap dan het antwoord open.
-
Land A kan zowel graan als textiel efficiënter produceren dan land B. Land A heeft dan een...
- absoluut voordeel in beide producten
- absoluut nadeel in beide producten
- geen enkel voordeel
- alleen voordeel in textiel
Antwoord
absoluut voordeel in beide producten — Absoluut voordeel betekent dat een land met dezelfde middelen meer van een product kan maken dan een ander land; hier geldt dat voor land A bij beide producten.
-
Wat betekent schaarste in de economie?
- Er is bijna niets van
- Middelen zijn beperkt terwijl behoeften onbeperkt zijn
- Iets is duur
- Iets is zeldzaam
Antwoord
Middelen zijn beperkt terwijl behoeften onbeperkt zijn — Schaarste gaat niet over weinig, maar over de spanning tussen wat je wilt en wat je hebt. Zelfs tijd is schaars.
-
Zonder geld moet je ruilen met goederen. Wat is daarbij het grootste probleem?
- Je moet iemand vinden die precies wil ruilen wat jij aanbiedt én aanbiedt wat jij wilt
- Goederen zijn te zwaar
- Er is dan geen markt
- Ruilhandel is verboden
Antwoord
Je moet iemand vinden die precies wil ruilen wat jij aanbiedt én aanbiedt wat jij wilt — Dit heet de 'dubbele coïncidentie van behoeften'. Geld lost dit op.
-
Wat is de ruilvoet bij handel tussen twee landen?
- De verhouding waartegen producten van het ene land geruild worden tegen producten van het andere land
- Het totale handelsvolume
- De hoeveelheid geld die een land bezit
- Een verplicht belastingtarief
Antwoord
De verhouding waartegen producten van het ene land geruild worden tegen producten van het andere land — De ruilvoet geeft aan hoeveel eenheden van het ene product je krijgt voor een eenheid van het andere product bij handel tussen landen.
-
Absoluut voordeel gaat over wie in totaal het meest efficiënt kan produceren, zonder naar de andere producten te kijken. Waar of niet waar?
Antwoord
Waar — Bij absoluut voordeel vergelijk je puur de productie-efficiëntie per product, los van wat een land aan andere producten opgeeft.
-
Je gaat een middag gamen in plaats van werken voor € 12 per uur. Wat zijn je alternatieve kosten voor 4 uur?
- € 0, gamen is gratis
- € 48 aan misgelopen loon
- € 12
- Dat is niet te berekenen
Antwoord
€ 48 aan misgelopen loon — Alternatieve kosten zijn wat je opgeeft: 4 × € 12 = € 48. Iets kan gratis lijken en toch duur zijn.