Woordenschat oefenen

In het kort. Schoolschrift heeft woordenschat in 4 leerjaarbanden, samen 36 leerdoelen. Kies het leerjaar en begin.

Kies een leerjaar

Zes opgaven uit woordenschat op Schoolschrift

Dit zijn opgaven uit de leerlijn zelf; in de app staan er nog 452. Probeer hem eerst, klap dan het antwoord open.

  1. 'In zijn vraag zat een impliciet verwijt.' Impliciet betekent:

    • niet uitgesproken, maar wel besloten in wat er staat
    • onduidelijk geformuleerd
    • hard en direct
    • in het geheim gedaan
    Antwoord

    niet uitgesproken, maar wel besloten in wat er staat — Impliciet is het tegendeel van expliciet: het staat er niet, maar het zit erin. Onduidelijk is iets anders; iets impliciets kan glashelder zijn.

  2. Het bordje hing te ver weg om te lezen. Ze kneep haar ogen samen en probeerde de letters te onderscheiden. Wat deed ze?

    • turen
    • gluren
    • staren
    • beschouwen
    Antwoord

    turen — Turen is ingespannen kijken omdat je iets slecht kunt zien. Gluren doe je stiekem, staren doe je lang en roerloos naar één punt, en beschouwen is rustig en aandachtig kijken naar iets dat je gewoon kunt zien.

  3. Hij hoorde aan dat zijn afdeling werd opgeheven, knikte en ging terug naar zijn bureau. Geen protest, geen vraag. Hoe onderging hij het nieuws?

    • onbekommerd
    • gedreven
    • schamper
    • gelaten
    Antwoord

    gelaten — Gelaten is: ondergaan wat je toch niet kunt veranderen, zonder verzet. Schamper zou spot vragen, onbekommerd betekent dat je geen zorgen hebt, en gedreven is het tegendeel: vol eigen wil.

  4. U schrijft een sollicitatiebrief aan een bedrijf waar u niemand persoonlijk kent. Welke opening past?

    • Geachte heer, mevrouw, met belangstelling las ik uw vacature voor redacteur.
    • Hoi, ik zag jullie vacature voorbijkomen en dacht: die is voor mij.
    • Hooggeachte directie, ondergetekende wendt zich middels dezes tot u.
    • Aan wie dit leest: hierbij mijn sollicitatie.
    Antwoord

    Geachte heer, mevrouw, met belangstelling las ik uw vacature voor redacteur. — De eerste regel is verzorgd en gewoon: precies goed. 'Hoi' is te los, 'middels dezes' is ambtelijk uit een vorige eeuw en 'Aan wie dit leest' klinkt onverschillig.

  5. Intrinsieke motivatie is motivatie die:

    • van buitenaf komt, bijvoorbeeld door een bonus
    • voortkomt uit de activiteit zelf, omdat je die de moeite waard vindt
    • bijzonder sterk is
    • alleen bij kinderen voorkomt
    Antwoord

    voortkomt uit de activiteit zelf, omdat je die de moeite waard vindt — Intrinsiek betekent: behorend tot de zaak zelf. Het woord is alleen nuttig als je het afzet tegen extrinsiek, dus tegen beloning van buitenaf.

  6. Hij deed de deur op een kier en keek de kamer in zonder dat de anderen het merkten. Wat deed hij?

    • gluren
    • monsteren
    • observeren
    • aanschouwen
    Antwoord

    gluren — Gluren is stiekem en kort kijken. Monsteren is iemand keurend van top tot teen bekijken, observeren is systematisch en langdurig, en aanschouwen is plechtig en past bij grote gebeurtenissen.