Natuur & Techniek oefenen in groep 7

In het kort. Natuur & Techniek in groep 7 gaat over het menselijk lichaam; spijsvertering, ademhaling en bloedsomloop; je oor: horen en evenwicht. Schoolschrift dekt dat met 30 leerdoelen in 10 hoofdstukken en 220 geschreven opgaven. De stof hangt aan kerndoel 42, 43, 44, 45, 46 uit de set van 2006. Oefenen kan gratis in de browser, zonder account en offline.

Wat leer je bij natuur & Techniek in groep 7?

  • Het menselijk lichaam

    Het menselijk lichaam
    • Organen en hun functie — Ik weet wat de belangrijkste organen doen.
    • Skelet en spieren werken samen — Ik kan uitleggen hoe botten en spieren samen zorgen dat je kunt bewegen.
    • De vijf zintuigen — Ik ken de vijf zintuigen en welk orgaan erbij hoort.
  • Spijsvertering, ademhaling en bloedsomloop

    Het menselijk lichaam
    • De weg van het voedsel door je lichaam — Ik kan de spijsvertering in de juiste volgorde zetten.
    • Ademhaling: hoe zuurstof in je bloed komt — Ik kan de weg van de lucht door je ademhalingsstelsel beschrijven.
    • De bloedsomloop: het hart pompt rond — Ik kan uitleggen hoe bloed door je lichaam stroomt.
  • Je oor: horen en evenwicht

    Het menselijk lichaam
    • Hoe je oor geluid opvangt — Ik weet hoe je oor geluidsgolven omzet in een signaal voor je hersenen.
    • Het evenwichtsorgaan — Ik weet dat je evenwichtsorgaan, in je binnenoor, je helpt om rechtop te blijven staan.
    • Waarom je duizelig kunt worden — Ik kan uitleggen waarom ronddraaien je duizelig maakt.
  • Krachten in het dagelijks leven

    Materie en energie · kerndoel 2006: 42, 44, 45
    • Soorten krachten om je heen — Ik kan zwaartekracht, wrijving en veerkracht herkennen in het dagelijks leven.
    • Hefbomen: met minder kracht meer doen — Ik kan uitleggen hoe een hefboom je helpt om met minder kracht iets zwaars te verplaatsen.
    • Waarom dingen drijven of zinken — Ik kan uitleggen waarom sommige voorwerpen drijven en andere zinken.
  • Katrollen, tandwielen en schroeven

    Materie en energie · kerndoel 2006: 42, 44, 45
    • De katrol — Ik kan uitleggen hoe een katrol je helpt om iets omhoog te tillen.
    • Tandwielen — Ik kan uitleggen hoe tandwielen beweging overbrengen.
    • De wig en de schroef — Ik weet dat een wig en een schroef een hellend vlak gebruiken om kracht makkelijker te maken.
  • Snelheid: afstand, tijd en berekenen

    Materie en energie · kerndoel 2006: 42, 44, 45
    • Wat snelheid is — Ik weet dat snelheid aangeeft hoeveel afstand je in een bepaalde tijd aflegt.
    • Snelheid berekenen — Ik kan de snelheid berekenen als ik de afgelegde afstand en de tijd weet.
    • Snelheden vergelijken — Ik kan snelheden met elkaar vergelijken.
  • De aarde, de zon en het weer

    Aarde en ruimte · kerndoel 2006: 43, 46
    • Waarom er dag en nacht en seizoenen zijn — Ik kan uitleggen hoe dag en nacht en de seizoenen ontstaan.
    • Het zonnestelsel — Ik ken de volgorde van de planeten vanaf de zon en weet wat de aarde bijzonder maakt.
    • Weer: temperatuur, neerslag en wind — Ik kan uitleggen hoe regen ontstaat en wat wind veroorzaakt.
  • Energie besparen

    Aarde en ruimte · kerndoel 2006: 43, 46
    • Waarom energie besparen — Ik kan uitleggen waarom het besparen van energie belangrijk is.
    • Energie besparen thuis — Ik weet een paar manieren om thuis energie te besparen.
    • Het energielabel — Ik weet dat apparaten en huizen een energielabel kunnen hebben dat laat zien hoe zuinig ze zijn.
  • Onderzoek doen

    Techniek en onderzoek
    • Een onderzoek starten: vraag en voorspelling — Ik kan een goede onderzoeksvraag bedenken en een voorspelling doen.
    • Eerlijk meten: één ding tegelijk veranderen — Ik snap waarom je bij een proef maar één ding tegelijk mag veranderen.
    • Een conclusie trekken uit je resultaten — Ik kan een conclusie trekken die past bij de gemeten resultaten.
  • Grafieken van je resultaten

    Techniek en onderzoek
    • Een staafdiagram maken — Ik kan van meetresultaten een staafdiagram maken.
    • Een lijngrafiek lezen — Ik kan een lijngrafiek lezen en er een trend uit halen.
    • Conclusies trekken uit een grafiek — Ik kan een conclusie trekken die past bij wat een grafiek laat zien.

Zes opgaven uit natuur & Techniek in groep 7

Dit zijn opgaven uit de leerlijn zelf; in de app staan er nog 214. Probeer hem eerst, klap dan het antwoord open.

  1. Wat gebeurt er in de longen?

    • Voedsel wordt verteerd
    • Zuurstof gaat het bloed in en CO2 gaat eruit
    • Bloed wordt gemaakt
    • Water wordt opgeslagen
    Antwoord

    Zuurstof gaat het bloed in en CO2 gaat eruit — In de longblaasjes wisselen bloed en lucht gassen uit. Daarom adem je zuurstof in en koolstofdioxide uit.

  2. Waar worden de meeste voedingsstoffen uit je eten in het bloed opgenomen?

    • Mond
    • Maag
    • Dunne darm
    • Dikke darm
    Antwoord

    Dunne darm — De wand van de dunne darm is heel groot en dun, ideaal om voedingsstoffen door te laten naar het bloed.

  3. Wat laat geluid in je oor als eerste trillen?

    • het trommelvlies
    • je hersenen
    • je evenwichtsorgaan
    • je oorschelp alleen
    Antwoord

    het trommelvlies — Geluidsgolven laten eerst het trommelvlies trillen, dat de trilling doorgeeft.

  4. Waarom val je naar beneden als je van een tafel springt?

    • Wrijving
    • Zwaartekracht
    • Veerkracht
    • Magnetisme
    Antwoord

    Zwaartekracht — Zwaartekracht trekt alles op aarde naar beneden, naar het middelpunt van de aarde toe.

  5. Wat doet een vaste katrol vooral?

    • hij verandert de richting waarin je trekt
    • hij maakt het voorwerp lichter
    • hij maakt lawaai
    • hij verandert de kleur van het touw
    Antwoord

    hij verandert de richting waarin je trekt — Met een vaste katrol kun je makkelijker naar beneden trekken in plaats van omhoog tillen.

  6. Wat betekent het als een auto sneller rijdt dan een fiets?

    • de auto legt in dezelfde tijd meer afstand af
    • de auto is zwaarder
    • de auto maakt meer geluid
    • de fiets heeft meer wielen
    Antwoord

    de auto legt in dezelfde tijd meer afstand af — Snelheid gaat over hoeveel afstand je in dezelfde tijd aflegt.

Hoe oefen je dit in Schoolschrift?

  1. Volg de lessen per leerdoel

    Elk hoofdstuk bestaat uit zes lessen: één per leerdoel, twee gemengde lessen en een hoofdstuktoets. Voor elk nieuw leerdoel legt de coach eerst uit wat je gaat leren en doet één opgave helemaal voor.

  2. Haal de hoofdstuktoets

    Het volgende hoofdstuk gaat open zodra de hoofdstuktoets met minstens 80% gehaald is; wie de stof al kent, kan met één toets vooruitspringen.

  3. Blijf herhalen

    Herhaling loopt per leerdoel en blijft binnen dit vak en binnen stof die al langs is gekomen.

Begin met natuur & Techniek

Natuur & Techniek in andere leerjaren