Natuur & Techniek oefenen in groep 5

In het kort. Natuur & Techniek in groep 5 gaat over dieren: groepen, ketens en aanpassing; planten: bouw en zaden; trekvogels, winterslaap en zorg voor jongen. Schoolschrift dekt dat met 30 leerdoelen in 10 hoofdstukken en 210 geschreven opgaven. De stof hangt aan kerndoel 40, 41, 42, 43, 44, 45, 46 uit de set van 2006. Oefenen kan gratis in de browser, zonder account en offline.

Wat leer je bij natuur & Techniek in groep 5?

  • Dieren: groepen, ketens en aanpassing

    Planten en dieren · kerndoel 2006: 40, 41
    • De hoofdgroepen dieren — Ik kan dieren indelen in zoogdieren, vogels, vissen, amfibieën, reptielen en insecten.
    • Voedselketens — Ik kan een voedselketen maken en uitleggen wat er gebeurt als er een schakel verdwijnt.
    • Dieren aangepast aan hun leefgebied — Ik kan uitleggen hoe een dier is aangepast aan de plek waar het leeft.
  • Planten: bouw en zaden

    Planten en dieren · kerndoel 2006: 40, 41
    • De delen van een plant en hun functie — Ik weet welke delen een plant heeft en wat elk deel doet.
    • Zaden en kiemen — Ik weet wat een zaad nodig heeft om te kiemen en hoe een kiemplant groeit.
    • Hoe zaden zich verspreiden — Ik weet hoe zaden op andere plekken terechtkomen.
  • Trekvogels, winterslaap en zorg voor jongen

    Planten en dieren · kerndoel 2006: 40, 41
    • Dieren die voor hun jongen zorgen — Ik weet dat sommige dieren voor hun jongen zorgen en andere niet.
    • Trekvogels — Ik weet waarom sommige vogels in de winter naar een ander land trekken.
    • Winterslaap — Ik weet welke dieren winterslaap houden en waarom.
  • Je gebit

    Het menselijk lichaam
    • Soorten tanden en kiezen — Ik weet welke soorten tanden en kiezen er zijn en wat ze doen.
    • Melkgebit en blijvend gebit — Ik weet het verschil tussen het melkgebit en het blijvende gebit.
    • Je gebit verzorgen — Ik weet hoe je je gebit gezond houdt.
  • Materialen en hun eigenschappen

    Materie en energie · kerndoel 2006: 42, 44, 45
    • Eigenschappen van materialen — Ik kan materialen beschrijven met woorden als hard, zacht, buigzaam en stevig.
    • Waterdicht en doorzichtig — Ik kan uitleggen wat waterdicht en doorzichtig betekent en welke materialen dat zijn.
    • Het juiste materiaal kiezen — Ik kan uitleggen welk materiaal het beste past bij een gebruiksdoel.
  • Oplossen in water

    Materie en energie · kerndoel 2006: 42, 44, 45
    • Stoffen oplossen — Ik weet dat sommige stoffen oplossen in water en andere niet.
    • Sneller oplossen — Ik weet hoe je iets sneller kunt laten oplossen.
    • Een opgeloste stof terugwinnen — Ik weet hoe je zout kunt terugwinnen uit zout water.
  • Dag en nacht

    Aarde en ruimte · kerndoel 2006: 43, 46
    • De aarde draait om haar as — Ik weet dat dag en nacht ontstaan doordat de aarde ronddraait.
    • Waarom de zon op- en ondergaat — Ik kan uitleggen waarom het lijkt of de zon beweegt, terwijl de aarde draait.
    • Overal een andere tijd — Ik weet dat het niet overal op aarde tegelijk dag is.
  • Afval scheiden en hergebruiken

    Aarde en ruimte · kerndoel 2006: 43, 46
    • Soorten afval — Ik weet welke soorten afval er zijn en waar ze in horen.
    • Waarom recyclen? — Ik kan uitleggen waarom recyclen goed is voor grondstoffen.
    • Zwerfafval en de natuur — Ik kan uitleggen wat zwerfafval doet met dieren en de natuur.
  • Onderzoeken: kijken, vragen, voorspellen

    Techniek en onderzoek
    • Een onderzoeksvraag bedenken — Ik kan een vraag bedenken over iets dat ik zie of meemaak.
    • Waarnemen met je zintuigen en gereedschap — Ik weet hoe je nauwkeurig kunt waarnemen.
    • Een voorspelling doen — Ik kan een voorspelling doen die ik daarna kan testen.
  • Meten: lengte, gewicht en temperatuur

    Techniek en onderzoek
    • Lengte meten — Ik kan lengte meten met een liniaal of meetlint en de juiste eenheid gebruiken.
    • Gewicht wegen — Ik kan het gewicht van iets meten met een weegschaal en weet welke eenheid daarbij hoort.
    • Temperatuur meten — Ik kan temperatuur meten met een thermometer in graden Celsius.

Zes opgaven uit natuur & Techniek in groep 5

Dit zijn opgaven uit de leerlijn zelf; in de app staan er nog 204. Probeer hem eerst, klap dan het antwoord open.

  1. Een vleermuis is een:

    • vogel
    • zoogdier
    • insect
    • reptiel
    Antwoord

    zoogdier — Een vleermuis heeft haren en zoogt haar jongen. Kunnen vliegen maakt je geen vogel.

  2. Welk deel van de plant neemt water uit de grond op?

    • wortel
    • stengel
    • blad
    • bloem
    Antwoord

    wortel — Wortels zitten in de grond en zuigen water en voedingsstoffen op.

  3. Welk dier zorgt meestal voor zijn jongen?

    • kabeljauw (vis)
    • merel (vogel)
    • kikker
    • huisvlieg
    Antwoord

    merel (vogel) — Vogels zoals de merel voeren en beschermen hun jongen in het nest.

  4. Welk soort tand gebruik je vooral om een appel af te bijten?

    • snijtand
    • hoektand
    • kies
    • geen van deze
    Antwoord

    snijtand — Snijtanden zijn plat en scherp, ideaal om iets mee af te snijden.

  5. Welk materiaal is het meest buigzaam?

    • glas
    • rubber
    • steen
    • metaal
    Antwoord

    rubber — Rubber kun je makkelijk buigen en het veert daarna weer terug.

  6. Welke stof lost op in water?

    • zand
    • zout
    • olie
    • krijt
    Antwoord

    zout — Zoutkorrels vallen in water uit elkaar in hele kleine deeltjes die je niet meer ziet.

Hoe oefen je dit in Schoolschrift?

  1. Volg de lessen per leerdoel

    Elk hoofdstuk bestaat uit zes lessen: één per leerdoel, twee gemengde lessen en een hoofdstuktoets. Voor elk nieuw leerdoel legt de coach eerst uit wat je gaat leren en doet één opgave helemaal voor.

  2. Haal de hoofdstuktoets

    Het volgende hoofdstuk gaat open zodra de hoofdstuktoets met minstens 80% gehaald is; wie de stof al kent, kan met één toets vooruitspringen.

  3. Blijf herhalen

    Herhaling loopt per leerdoel en blijft binnen dit vak en binnen stof die al langs is gekomen.

Begin met natuur & Techniek

Natuur & Techniek in andere leerjaren