Griekse taal en cultuur oefenen
In het kort. Schoolschrift heeft Griekse taal en cultuur in 3 leerjaarbanden, samen 90 leerdoelen. Kies het leerjaar en begin.
Kies een leerjaar
Griekse taal en cultuur oefenen op de bovenbouw
10 hoofdstukken · 30 leerdoelenGriekse taal en cultuur oefenen in het examenjaar
10 hoofdstukken · 30 leerdoelenGriekse taal en cultuur oefenen op de onderbouw
10 hoofdstukken · 30 leerdoelen
Zes opgaven uit Griekse taal en cultuur op Schoolschrift
Dit zijn opgaven uit de leerlijn zelf; in de app staan er nog 552. Probeer hem eerst, klap dan het antwoord open.
-
In welk versmaat zijn de Ilias en de Odyssee geschreven?
- Jambe
- Dactylische hexameter
- Sonnet
- Vrij vers
Antwoord
Dactylische hexameter — Zes versvoeten per regel, overwegend dactylen. Dat metrum hielp de zangers om lange teksten te onthouden.
-
Wat is een metafoor?
- Een letterlijke beschrijving
- Iets beschrijven met het beeld van iets anders, zonder 'als' of 'zoals'
- Een vergelijking met 'als'
- Een overdrijving
Antwoord
Iets beschrijven met het beeld van iets anders, zonder 'als' of 'zoals' — Bij een metafoor zeg je niet 'hij is als een leeuw' (vergelijking), maar 'hij is een leeuw' (metafoor).
-
Wat staat er: φιλοσοφία
- filosofie
- fysica
- filantropie
- fotografie
Antwoord
filosofie — φ = f, ι = i, λ = l, ο = o, σ = s, α = a. Letterlijk: liefde voor wijsheid.
-
Wat is een epitheton ornans?
- Een scheldwoord
- Een vast bijvoeglijk naamwoord bij een persoon, zoals 'de listige Odysseus'
- Een godennaam
- Een versvoet
Antwoord
Een vast bijvoeglijk naamwoord bij een persoon, zoals 'de listige Odysseus' — Die vaste combinaties waren geheugensteuntjes voor de mondelinge voordracht — en ze vulden het metrum precies.
-
Een vergelijking met 'zoals' of 'als' is hetzelfde als een metafoor. Waar of niet waar?
Antwoord
Niet waar — Een vergelijking noemt het beeld expliciet met 'als' of 'zoals'; een metafoor doet dat niet en identificeert het ene direct met het andere.
-
Ik ben de eerste letter van het Griekse alfabet en ik zit in het woord 'alfabet' zelf. Wie ben ik?
- alfa
- bèta
- omega
Antwoord
alfa — Alfa en bèta samen geven het woord alfabet. Omega is de laatste.