Filosofie oefenen

In het kort. Schoolschrift heeft filosofie in 2 leerjaarbanden, samen 64 leerdoelen. Kies het leerjaar en begin.

Kies een leerjaar

Zes opgaven uit filosofie op Schoolschrift

Dit zijn opgaven uit de leerlijn zelf; in de app staan er nog 327. Probeer hem eerst, klap dan het antwoord open.

  1. Welke vraag is een filosofische vraag?

    • Hoeveel inwoners heeft Nederland?
    • Wat is rechtvaardigheid?
    • Hoe laat begint de les?
    • Wat is de hoofdstad van Frankrijk?
    Antwoord

    Wat is rechtvaardigheid? — De andere vragen zijn met feiten te beantwoorden. 'Wat is rechtvaardigheid?' gaat over een begrip waar mensen het oneens over kunnen zijn, ook als ze alle feiten kennen.

  2. 'Piet is een politicus, dus hij is niet te vertrouwen.' Welke impliciete premisse zit hierin?

    • Piet houdt van politiek
    • Alle politici zijn niet te vertrouwen
    • Piet is niet te vertrouwen
    • Politiek is belangrijk
    Antwoord

    Alle politici zijn niet te vertrouwen — Om van 'Piet is politicus' naar 'Piet is niet te vertrouwen' te komen, moet je aannemen dat politici in het algemeen niet te vertrouwen zijn — dat wordt hier niet gezegd, maar wel verondersteld.

  3. Een filosofische vraag is met een meting of experiment te beantwoorden. Waar of niet waar?

    Antwoord

    Niet waar — Filosofische vragen gaan over betekenis, waarde of aannames. Die los je niet met een meting op, maar met nadenken en argumenteren.

  4. Impliciete premissen zijn altijd onjuist. Waar of niet waar?

    Antwoord

    Niet waar — Een impliciete premisse kan waar of onwaar zijn — het punt is dat hij verborgen blijft en dus niet gecontroleerd wordt, tenzij je hem expliciet maakt.

  5. Welke van deze vragen is géén filosofische vraag?

    • Bestaat er verschil tussen wat nuttig is en wat goed is?
    • Hoeveel graden was het gisteren in De Bilt?
    • Kun je iets weten zonder het te kunnen bewijzen?
    • Is een mens meer dan zijn hersenen?
    Antwoord

    Hoeveel graden was het gisteren in De Bilt? — De temperatuur van gisteren staat in een meetreeks; daar beslist de thermometer. De andere drie vragen blijven open ook als je alle metingen hebt, want ze gaan over begrippen en aannames.

  6. Waarom is het nuttig om impliciete premissen bloot te leggen?

    • Om het argument langer te maken
    • Om te kunnen beoordelen of de verborgen aanname wel klopt
    • Om de spreker te beledigen
    • Omdat het verplicht is in elk argument
    Antwoord

    Om te kunnen beoordelen of de verborgen aanname wel klopt — Zolang een aanname verborgen blijft, kun je hem niet toetsen. Blootleggen maakt kritische beoordeling mogelijk.