Bedrijfseconomie oefenen op de havo
In het kort. Bedrijfseconomie op de havo gaat over financieel zelfredzaam, het ondernemingsplan, loon en arbeidsovereenkomst. Schoolschrift dekt dat met 30 leerdoelen in 10 hoofdstukken en 191 geschreven opgaven. De stof hangt aan kerndoel 28 uit de set die sinds augustus 2026 geldt en kerndoel 36 uit de set van 2006. Oefenen kan gratis in de browser, zonder account en offline.
Wat leer je bij bedrijfseconomie op de havo?
Financieel zelfredzaam
Van persoon naar rechtspersoon · kerndoel 2026: 28 · kerndoel 2006: 36
- Budgetteren, sparen en lenen — Ik kan een begroting maken en weet wat lenen echt kost.
- Rechtsvormen en aansprakelijkheid — Ik ken het verschil tussen een eenmanszaak en een bv, en wat dat betekent voor risico.
- Aandelen en aandeelhouders — Ik weet wat een aandeel is en wie de eigenaren van een bv zijn.
Het ondernemingsplan
Van persoon naar rechtspersoon · kerndoel 2026: 28 · kerndoel 2006: 36
- Onderdelen van een ondernemingsplan — Ik weet welke onderdelen een ondernemingsplan bevat.
- SMART-doelstellingen — Ik kan beoordelen of een doelstelling SMART geformuleerd is.
- Startkapitaal inschatten — Ik kan berekenen hoeveel startkapitaal een beginnende onderneming nodig heeft.
Loon en arbeidsovereenkomst
Interne organisatie en personeel · kerndoel 2026: 28 · kerndoel 2006: 36
- De arbeidsovereenkomst — Ik ken het verschil tussen een tijdelijk en een vast contract.
- Bruto- en nettoloon — Ik kan uitleggen wat het verschil is tussen brutoloon en nettoloon en dit doorrekenen.
- Organisatiestructuur — Ik kan een organogram lezen en weet wat span of control betekent.
Eigen en vreemd vermogen
Investeren en financieren · kerndoel 2026: 28 · kerndoel 2006: 36
- Eigen vermogen en vreemd vermogen — Ik ken het verschil tussen eigen vermogen en vreemd vermogen, en kort en lang vreemd vermogen.
- Kiezen tussen eigen en vreemd vermogen — Ik kan voor- en nadelen van eigen en vreemd vermogen tegen elkaar afwegen.
- Lineair afschrijven — Ik kan de jaarlijkse afschrijving van een bedrijfsmiddel berekenen.
Liquiditeit en werkkapitaal
Investeren en financieren · kerndoel 2026: 28 · kerndoel 2006: 36
- Werkkapitaal berekenen — Ik kan het werkkapitaal berekenen uit vlottende activa en vlottende passiva.
- De current ratio — Ik kan de current ratio berekenen en interpreteren.
- Liquiditeit verbeteren — Ik kan maatregelen noemen om de liquiditeit van een onderneming te verbeteren.
Marketingmix en doelgroep
Marketing · kerndoel 2026: 28 · kerndoel 2006: 36
- De marketingmix (4 p's) — Ik ken de vier p's van de marketingmix.
- Doelgroep en marktsegmentatie — Ik kan uitleggen waarom bedrijven een markt opdelen in doelgroepen.
- Kwalitatief en kwantitatief marktonderzoek — Ik ken het verschil tussen kwalitatief en kwantitatief marktonderzoek.
Kostprijs en begroting
Financieel beleid · kerndoel 2026: 28 · kerndoel 2006: 36
- Vaste, variabele en totale kosten — Ik kan vaste en variabele kosten herkennen en optellen tot totale kosten.
- Kostprijs per product berekenen — Ik kan de kostprijs per product berekenen uit de totale kosten en de productie.
- Een exploitatiebegroting opstellen — Ik kan een eenvoudige exploitatiebegroting doorrekenen.
Voorraadbeheer
Financieel beleid · kerndoel 2026: 28 · kerndoel 2006: 36
- Kosten van voorraad — Ik kan uitleggen welke kosten samenhangen met het aanhouden van voorraad.
- Omloopsnelheid van de voorraad — Ik kan de omloopsnelheid van de voorraad berekenen en interpreteren.
- Voorraadbeleid afwegen — Ik kan afwegen wat een passend voorraadniveau is voor een onderneming.
Balans en resultaat
Financieel beleid en verslaggeving · kerndoel 2026: 28 · kerndoel 2006: 36
- De balans lezen — Ik kan een balans lezen en weet waarom die altijd in evenwicht is.
- Kengetallen — Ik kan liquiditeit en solvabiliteit uitrekenen en uitleggen wat ze zeggen.
- De resultatenrekening — Ik kan met een resultatenrekening de winst of het verlies berekenen.
Btw in de administratie
Financieel beleid en verslaggeving · kerndoel 2026: 28 · kerndoel 2006: 36
- Hoe btw werkt — Ik kan uitleggen wat btw is en wie de btw uiteindelijk betaalt.
- Btw berekenen — Ik kan de btw en de prijs inclusief btw berekenen bij een gegeven percentage.
- Btw afdragen aan de belastingdienst — Ik kan berekenen hoeveel btw een onderneming per saldo moet afdragen.
Hoe oefen je dit in Schoolschrift?
Elk hoofdstuk bestaat uit zes lessen: één per leerdoel, twee gemengde lessen en een hoofdstuktoets. Voor elk nieuw leerdoel legt de coach eerst uit wat je gaat leren en doet één opgave helemaal voor. Het volgende hoofdstuk gaat open zodra de hoofdstuktoets met minstens 80% gehaald is; wie de stof al kent, kan met één toets vooruitspringen. Herhaling loopt per leerdoel en blijft binnen dit vak en binnen stof die al langs is gekomen.
Begin met bedrijfseconomie
Bedrijfseconomie in andere leerjaren